|
Epagneul Breton Rasstandaard
De bekende kynoloog Toepoel zei ooit: |
De officiële standaard van de Epagneul Breton |
||
| Land
van oorsprong:
Frankrijk |
F.C.I.
indeling:
Groep
7 Staande
Honden en Setters Werktest
vereist. Sectie 1.2, Continentaal Staande Honden, type Epagneul. |
Korte historische samenvatting: Afkomstig uit Frankrijk, nauwkeuriger: uit het hart van Bretagne. Tegenwoordig in aantal het grootste Franse staande-hondenras. Waarschijnlijk een van de oudste rassen van het type epagneul, ontstaan aan het begin van de 20e eeuw door verschillende kruisingen en selectie. Het ontwerp van de rasstandaard werd voorbereid in Nantes in 1907, en op de eerste Algemene Vergadering van de Club, die op 7 juni 1908 in het voormalige Loudéac (departement Côtes du Nord) gehouden werd, gepresenteerd en aangenomen. Dit was de eerste standaard van de “Club van de Epagneul Breton met van nature korte staart”. |
| Algemeen
voorkomen:
Kleinste staande hond. De Epagneul Breton is een jachthond met een korte of ontbrekende staart. Harmonisch gebouwd met een solide, maar niet grof skelet. Het geheel is compact en stevig, echter zonder overdreven zwaar te zijn, met voldoende elegantie. De hond is vitaal, de blik helder en de uitdrukking intelligent. Het beeld is “cob” (kort en krachtig gebouwd), vol energie, het ras heeft tijdens zijn ontwikkeling het gedrongen model behouden zoals het degenen die het gecreëerd hebben voor ogen heeft gestaan. |
|
Gedrag
/ Temperament:
De hond past zich aan iedere omgeving aan, is prettig in de omgang, met een intelligente en oplettende uitdrukking, en is mentaal evenwichtig. Veelzijdige staande hond, voor iedere wildsoort en ieder terrein, die zijn jachtpassie vroeg ontwikkelt. |
| Belangrijke
verhoudingen: . Het hoofd is in verhouding met het lichaam. . De borstdiepte is iets minder dan de helft van de schofthoogte. . De lengte (gemeten van boeg tot zitbeen) is gelijk aan de schofthoogte (de hond past in een vierkant). |
|
Hoofd: Snuitgedeelte:
|
| Hals:
Van gemiddelde lengte en goed gespierd, conisch van vorm en licht gebogen, maar nooit geknakt. Komt goed uit de schouders, zonder keelhuid. |
| Lichaam:
Recht tot de lendenen en het begin van het kruis. Voldoende beweeglijk, steekt een beetje uit zonder beladen te zijn. |
| Staart: Hoog aangezet, horizontaal of iets naar beneden gedragen, vaak kwispelend als de hond attent of actief is. De Epagneul Breton kan zonder staart of met een korte staart geboren worden. |
| Ledematen:
achterhand: |
| Gangwerk:
De verschillende gangen zijn gemakkelijk, maar krachtig, regelmatig, levendig en energiek. De poten worden recht naar voren geplaatst zonder overdreven verticale schommelingen van het lichaam en zonder te slingeren, de rug blijft stil. De galop is de belangrijkste gang in het veld, de sprongen zijn snel, van gemiddelde lengte, de achterpoten worden niet naar achteren opgegooid (verzamelde galop). |
| Huid:
Dunne, goed aansluitende huid. Goed gepigmenteerd. |
| Vacht:
Beharing: Het haar is fijn maar niet zijdeachtig, op het lichaam vlakliggend of zeer licht golvend. Nooit gekruld. Kort op het hoofd en de voorkant van de ledematen. De achterkant van de poten is overvloedig behaard met bevedering die naar de pols en hak en daaronder steeds korter wordt. Kleur: Vachtkleuren: “oranje en wit”, “zwart en wit”, “kastanjebruin en wit”, bont met onregelmatige platen. Zuiver wit of schimmel, vaak met sproeten op snuit, lippen en poten. Met vurige vlekjes (rossig tot dieprood) op de snuit en lippen, boven de ogen, op de poten en borst en onder de staartaanzet bij de driekleuren. Een smalle bles is wenselijk bij elke vachtkleur. Eenkleurige vachten zijn niet toegestaan. |
| Schofthoogte: minimaal: 48cm / tolerantie: –1cm Teven: minimaal: 47cm / tolerantie: -1cm Ideale hoogte: reuen: 49 à 50 cm teven: 48 à 49 cm |
Fouten:
.
Karakter: angstig, ontwijkende
blik. |
| Ernstige
fouten: . Schedel: Te veel uitstekende jukbeenderen. Te sterke stop. Te geprononceerde wenkbrauwen. . Ogen: Licht, onbetrouwbare blik, roofvogeloog. . Hals: Buitengewoon lang. Duidelijke kwabben. . Gangwerk: Stram, niet soepel. |
|
N.B.:
Reuen dienen twee normale en volledig ingedaalde testikels te hebben. |
| Toelichting Bij confirmatie* moet de hond verplicht gemeten worden om de uitersten van de standaard zonder vergissingen te respecteren. De schofthoogte moet onvoorwaardelijk op het formulier worden opgetekend. Een CAC en een res.CAC zullen enkel en alleen worden toegekend aan honden die de ideale schofthoogte hebben. Kwalificaties: * In
Frankrijk verplichte toetsing
aan de standaard als de hond +/- 1 jaar is. |
|
|